Ik...

... 26 november 2014

... kwam in de trein een Noord-Ier tegen die dacht dat ik een seriemoordenaar was, met hem ging ik nog wat drinken. Ik kwam van het Hemingway festival in Utrecht, hij van een concert precies daaronder in de grote zaal van het enorme nieuwe gebouw van Tivoli Vredenburg. Ze schrijven die twee namen aan elkaar, waarschijnlijk om de binding tussen die twee clubs te duiden, maar dat vind ik lelijk. De Ier sprak heel luid in de trein, verder was iedereen stil. Er was een meisje bij hem dat zei dat hij zachter moest doen en toen ik naar de wc ging en door het gangpad liep zei ik: Ssssst, en hij begreep de grap meteen. Op Centraal ging zij naar huis, ik liep met de Ier naar dde kroeg en daarna nog even een stukje verderop in een café waar de bar vroeger rechts langs de muur stond en nu links. Een Duitser met een bril die in de eerste kroeg zat liep ook mee, een aardige man. Het was flink opgeknapt in dit café, alles was fris en groen nu maar het publiek was hetzelfde. Ik had de Ier verteld van de Hemingway-avond en nu zei hij dat ik geen schrijver kon zijn, want daar had ik de armen niet voor en ook dronk geen enkele schrijvers sneller dan hij. Ik moest wel een seriemoordenaar zijn, waarschuwde hij de Duitser. Toen ging hij naar huis. Het paste heel goed bij de avond over Hemingway, waar het veel over het image van de schrijver ging en waar ik gelukkig de kans kreeg een paar mooie stukjes tekst voor te lezen, uit Voor wie de klok luidt, een heel klef en sentimenteel fragment.

twitter | facebook

... 25 november 2014

... kruiste de tramrails die dag heel vaak en heel vaak ging het bijna mis. In de ochtend toen ik met mijn zoon de Ferdinand Bol over stak en er een auto op ons af kwam en een tram van de andere kant die niet erg hard reed gelukkig, en fietsers en een auto die uit de zijstraat kwam waar wij in moesten, de bocht daardoor heel krap. In de middag bij het Roelof Hartplein toen ik groen had maar gelukkig nog even over mijn schouder keek of alle auto’s wel gestopt waren voor oranje en niet veel later voor rood, een zwarte Audi dacht het wel te halen en hij haalde het alleen omdat ik hem zag en inhield, gelukkig zat mijn dochter niet voorop en stond mijn zoon niet naast me nu bij het verkeerslicht, ik word heel boos als ze voor me langs komen zetten, die grote auto’s, de beugel van mijn fietsslot hangt aan het stuur, ik droom er soms van alle vier de lichten van zo’n auto kapot te slaan met die beugel. En op de terugweg na de koffie met mijn vrienden passeerde ik een oude vrouw op de fiets, ze kon het tempo van de lichten niet volgen en dan is de stad hard en genadeloos want iedereen ziet haar ploeteren op de trappers, net niet sterk genoeg, net niet snel genoeg, en toch klinkt er een claxon.

twitter | facebook

... 24 november 2014

... bleef niet lang in de Aep want mijn kinderen waren er bij en mijn dochter zat te zeuren en mijn zoon was moe, die had een logeerfeestje gehad. Ze moesten mee en ze gaan ook wel graag mee want ze kennen mijn vriend de barman en ik moest hem een cadeautje uit New York brengen. Dat vinden ze leuk. Ik kreeg koffie, zij cola en chocolademelk. We kletsten over de stad, niet over onze stad maar over New York, dat is toch net even meer een stad, al miste ik daar wel de gezelligheid van een kroeg als de Aep, de gesprekken en gewoon het zitten en niks zeggen, zoals op deze lome zondagmiddag waarop een Franse vrouw een kopje koffie bestelde en een otsjoklet. Hot chocolate. Ze kon het niet goed uitspreken en de barman vroeg: Wat wil je? Ze verontschuldigde zich en iedereen aan de bar moest lachen, tot zij haar beker warme choco kreeg, en de koffie. Op de weg terug reden we door het drukste deel van Amsterdam en twee keer vroeg een toerist ons de weg bij een kruispunt, wij wachtten voor rood. Mijn zoon zei: Je kunt hier ook nergens op je gemak wachten voor rood.

twitter | facebook

... 23 november 2014

... reed onder de grond door de stad, in het donker, en steeds was het even licht op de lange perrons waar de man van de metro uit het raampje van de voorste wagon keek of de deuren goed dicht waren en of er niet iemand aan de deuren hing, het ging allemaal heel snel en gestroomlijnd. Ik wist dat het nog zes haltes was, of vijf, of vier, en ik wilde dat we de hele nacht in deze metro konden blijven want het schommelen van de wagons en de stem die de stations omriep waren inmiddels vertrouwd en daar wilde ik nog wel even tussen blijven, met haar. Het was warm in de wagons en ook op ons station in Queens, en het stuk naar het hotel was kort maar koud dus liever zat ik hier nog even, op die oranje bank. Toch stopte de trein bij Court Sq en we stapten uit en liepen zwijgend naar de uitgang, we wisten allebei welke kant we op moesten en dat verbond van richting en niks zeggen was heel erg mooi. Ze hield mijn hand vast, ik de hare. Wie begon maakt niet uit, het ging vanzelf. In het hotel zette ik de rugzak tussen het bureau en het kastje waar de tv boven hing, de tv die we die hele week geen enkele keek aan hadden gehad. In de bovenste la mijn kleren. Op het kastje bekertjes voor koffie of thee, het kaartje waarmee de deur open kon, een geel pasje voor de metro, onze poort naar de stad met de geweldige gebouwen die je heel klein kunnen maken en je tegelijkertijd heel groot kunnen laten voelen, zoals ook zij dat kan.

twitter | facebook

... 22 november 2014

... liep door Queens met een plastic tas met brood, ham, yoghurt, op zoek naar een kop koffie, die vond ik vlakbij het hotel op de hoek en op de weg daarheen trok ik mijn kraag op want het was koud en de wind was stevig en ik nam een paar foto’s van de straat met de hoge gebouwen aan de andere kant van de rivier en de kleine lage huisjes hier in de buurt, van een grote truck en een gele taxi, ik kreeg koude handen en bleef toch foto’s nemen, dat doe ik niet zo vaak maar hier wel, de beelden verspringen hier heel erg snel want alles is in beweging, zelfs in de stilste buurten en parkjes en de hoekjes waar bijna geen verkeer is, en die foto’s zijn toch een manier om deze week in dat snelle leven kort stil te zetten en later terug te kijken, zoals de stalen constructie van de metro en de diner waar we twee keer aten en de ingang van de metro daar, heel smal, en het strookje gras voor het water en de lichtjes in de avond vanaf een heel hoog dak waar het zo koud was dat we daar maar even bleven, ook al was het er heel mooi en kostten de kaartjes bijna dertig dollar.

twitter | facebook

... 21 november 2014

... zag overal in New York kleine musjes en eekhoorns. De mussen zaten in de parken, op straathoeken, in kleine plantsoentjes en vooral op het hek van autobedrijf Ryder om de hoek van het hotel. Mussen zijn huiselijk. Ze maken een stad klein. Sommige mussen waren heel dik, die zaten op plekken waar mensen veel kruimelen. De eekhoorns zitten in Central park, dacht ik, maar ze bleken in heel veel andere parken ook rond te hupsen, in Riverside park en bij de City Hall. De stad was vol met kleine diertjes, als je ergens liep hoorde je de vogeltjes kwetteren. Op Staten Island was het heel stil, net als in Queens, waar het hotel stond in een gebied met oude industrie, flitsende nieuwe eettentjes, een paar deli’s en veel garagebedrijven. Het was mooi om over de brug vanuit Brooklyn naar de stad te lopen. Toen ik dat veertien jaar terug deed liepen we de andere kant op en dan moet je steeds achterom kijken voor het uitzicht. Nu liepen we de stad tegemoet, vanuit een ijskoud Brooklyn naar een parkje met eekhoorns waar het beschut was en waar twee fietsers de bocht om kwamen om het fietspad te pakken ook de brug op, ze draaiden zo de snelweg op, precies de verkeerde afslag en de voorste riep: Yahooooo.

twitter | facebook

... 14 november 2014

... dacht dat het drukker zou zijn, in de dierentuin die dag. Het regende eerst, misschien kwam het daar door. Toen wij er kwamen was het droog. Bijna geen mensen, alleen een Spaans gezin dat moeite had met de nieuwe sluis bij de vogelkooi en een moeder met een heel klein kindje in een blauw skipak. Het kindje keek steeds naar me. De moeder liep ook de brug over aan de kant van de Middenweg. Wij kwamen al terug lopen want het pad is al heel lang geblokkeerd en ik had met mijn kinderen gewed dat je er niet door kon en won die weddenschap, zij zeiden dat je er wel door kon en ik zei van niet. We gingen langs de vissen, langs de pinguďns waar er twee een nestje bouwden, langs de Chimpansees die net naar binnen gingen en te eten kregen, en we bleven lang in de speeltuin met het klimrek en de hoge glijbaan, waar ik De homesman uit las, een heel mooi boek. Toen we naar de uitgang liepen ging de herfstzon net onder, de Kerkstraat in het gele licht achter de Amstel. We gingen onder het Rijksmuseum door en ook het Museumplein was geel en oranje, niet alleen van de bladeren, ook van het licht.

twitter | facebook