Ik...

... 31 oktober 2014

... kreeg een bloedneus op de fiets. Ik pakte een papieren zakdoekje, scheurde er een stukje af en propte dat in mijn neus. Toen ik voorbij de Dam was stopte het bloeden. Het Damrak is bijna weer open, alleen het laatste stuk bij het Centraal Station moest ik over de trambaan fietsen, langs de mannen die het verkeer leiden en de kraan met rupsbanden en de mannen die aan de straat werken. Ik fiets niet graag door de Warmoesstraat want sinds daar geen auto’s meer in mogen hebben de toeristen de straat overgenomen, de fietsers zijn weggedrukt. Dat is raar in de planning, ze maken de straat anders door een groep niet toe te laten, heel goed, maar een andere groep grijpt de kans en als je daar fietst heb je eigenlijk een bel nodig, en die heb ik niet. Ooit had ik les van bestuurskundige Kees Schuyt. Hij zei: Bij iedere beleidsmaatregel doemen zeker vijf onvoorziene neveneffecten op die allemaal weer beleidsmaatregels nodig hebben, zo blijf je bezig. Bij de kroeg kwam ik Jan tegen, hij ging een fles jenever naar de overkant brengen of een nieuwe fles ophalen, dat weet ik niet precies. Ik zat nog geen minuut op mijn kruk en het mannetje van laatst kwam binnen. Hij doet het erom. Hij had twee LP’s bij zich. Hij schold minder dan laatst en vertrok snel, voor onze andere vrienden kwamen. We dronken koffie en daarna een ijskoude cola, dat was lekker. Suiker. Ik fietste over de Zeedijk naar school. Op de Zeedijk loopt ook iedereen midden op straat maar daar rijden nog wel auto’s en dus zoeken de voetgangers vaak nog de stoep op.

twitter | facebook

... 30 oktober 2014

... slalomde tussen de fietsen door die bij school in de toch al zo nauwe doorgang tussen het muurtje en de lelijke grijze gebouw stonden. Een vader kwam van de andere kant over het kleine schoolplein, meer een zithoek met bankjes, en ook hij wilde zijn fiets nog ergens kwijt zo vlak voor de deur want je zou maar een stukje moeten lopen. Hij tilde zijn zoontje uit het zitje. Zet hem hier maar neer hoor, zei ik en de man reageerde niet, hij spreekt alleen Engels, en ik vloekte wat en nam mijn dochter bij de hand en leidde haar tussen de fietsen door naar binnen, de trap op. Het blonde jongentje dat altijd te laat is liep voor ons, dus wij waren ook een beetje aan de late kant. Mijn dochter hing haar jas op, zette haar tas op de plank en ik ging op haar tafeltje zitten. De juf was er. Normaal is ze er alleen op maandag maar mijn dochter zei dat de meester een vrije dag had en dat ze vandaag dus de juf hadden. Ga haar dan maar een handje geven, zei ik, want dat is gebruikelijk in deze groep en mijn dochter vergeet dat heel vaak. Ze liep naar de juf, zei goeiemorgen en toen schreef de juf iets in haar schriftje, ik mocht niet zien wat.

twitter | facebook

... 29 oktober 2014

... keek gister naar het boekenpanel van DWDD. Een debuut dat bij mijn uitgeverij verscheen werd genoemd, en een groot prentenboek, en een non-fictie boek over een blote pianiste op een schilderij van Manet met een ander hoofd. Na tromgeroffel werd de nieuwe roman van Gustaaf Peek – mederedactielid van de Revisor – Boek van de Maand. De roman heet Godin, held. Een titel met een komma, dat is al tien minuten gespreksstof waard, maar de titel werd amper genoemd.

Vanzelfsprekend stonden de uitgeverijen direct klaar om het nieuws te verspreiden. Gustaaf werd op twitter gefeliciteerd alsof hij een belangrijke literaire prijs gewonnen had en uitgeverij Cossee plaatste direct de vliegende neushoorn bovenaan hun facebookpagina.

Over de boeken werd door de nerveuze boekverkopers kort gesproken. Het prentenboek dat de boekhandelaar uit Antwerpen meegezeuld had naar de studio rook lekker. Van de roman met de neushoorn van Lodewijk van Oord werd de flaptekst opgedreund. De boekhandelaarster zei wel dat het grappig was.

Over Gustaafs boek werd gezegd dat het van achter naar voren wordt verteld. Een kunstgreep. Verder werd er niet op ingegaan want snel schakelden ze over op seks. In de roman komt veel seks voor. Hoe leg je dat uit? Dat literatuur en seks heel goed samen gaan. De boekhandelaar die het boek bekend maakte probeerde het nog met Turks Fruit, maar dan ook alleen de link: daar zit ook seks in. Geen woord over de stijl van Wolkers en waarom dat boek zo geweldig is: de bladspiegel, het tempo, het drama. De boekhandelaar zei alleen nog iets over verliefdheid. Godin, held gaat niet over seks maar over verliefdheid. Dat was te vaag dus brak boekhandelaar van de neushoorn in. Zij wist te vertellen dat het boek van Peek eigenlijk een soort Vijftig tinten grijs is, want daar staan ook goeie seksscènes in. Alles voor de herkenning bij het grote publiek, geen ruimte voor diepgang.

Een treurig item is het, dat boekenpanel, met een harkerige schijnbevlogenheid, omdat er geen tijd is voor werkelijk inhoudelijke bevlogenheid. Dertig seconden krijgen deze boekverkopers, schat ik, en dus niks over de kracht van het boek, over beelden die de schrijver oproept, over stijl, plot, sfeer en karakters, laat staan het gevoel dat een boek oproept.

Neushoorn. Grappig. Seks.

Dat was het. Het is leuk voor de verkoop, maar eigenlijk is het item enkel verkoop, en daardoor bizar plat.

Praten over literatuur op tv, dat kon toch ooit wel?

twitter | facebook

... 28 oktober 2014

... voelde de trein remmen, heel hard, en ik wachtte op de klap maar die kwam niet. Vorig jaar zat ik in een trein waar iemand voor sprong en toen was er een vreselijke klap en stond de trein twee uur stil ergens in de bossen, en nu waren we vlakbij Den Bosch en bedacht ik al hoe ver het lopen was naar het station als ik de deur open zou kunnen krijgen. Ik had geen zin om heel lang stil te zitten, dan liever wandelen langs het spoor en dan maar kijken. Een bus nemen of zo.

Dat hoefde allemaal niet. De trein remde alleen en kwam in Den Bosch aan op het station met de mooie gele rand langs de perronoverkappingen toen ik mijn koffie nog maar net op had en de Turk in de leren jas en de jongen die schetsen maakte in een groot schetsboek verlieten de trein en ik zat alleen op een balkon met zes klapstoeltjes.

Internet deed het niet dus het was rustig. Ik schreef. Ik dacht aan het weekend. Er was veel gebeurd. De trein reed weg en even later kwamen er een jongen en een meisje tegenover me zitten. Zij had rode lippenstift op, rode oorbellen. Hij had een blikje bier in zijn hand. Zij zei: Er stond daar een bordje van priority met zo’n fiets eronder dus hij mocht die fiets daar neerzetten.

Hij zei: Nou en?

Zij zei: Hij heeft daarvoor betaald, dus dan hoef je niet zo agressief te doen.

Hij trok zijn blikje bier open.

Voorbij de rivier kwam de jongen van de railcatering langs. Het meisje bestelde appelsap maar dat had hij niet – helaas – en toen wilde het meisje warme chocolademelk en dat had hij wel en de jongen zei: Heb je er ook slagroom op?

twitter | facebook

... 27 oktober 2014

... ging in de pauze mijn olijfboom water geven, iedere dag een flesje, dan doet hij het goed. Hij groeit hard. De langste takken komen boven de deurpost uit. Het was niet mijn pauze, het was de pauze van de school achter mijn huis, ik hoorde de kinderen rennen en gillen. Op het golfplatendak van de schuur zat een kat, ook hij keek naar de kinderen in hun herfstjassen, rood en groen en blauw en gestreept en geblokt. Toen zagen twee meisjes de kat, ze keken naar elkaar. De kat was klein en jong en hield zijn pootje stil in de lucht zoals honden doen als ze op het punt staan te gaan rennen, en schapen ook als ze gevaar opmerken. De meisjes waren heel stil, de kat ook. Toen was er ergens toch een geluid, van de andere kinderen, en hobbelde de kat over de golfplaten naar de andere kant van het dak. De meisje bleven nog een hele tijd naar de opening tussen de planten en de muur kijken, misschien kwam de kat weer terug. Duurde een kleine minuut, het leek veel langer, die ogen gericht op de rand van het dak en precies daarachter was mijn keukenraam maar ze zagen mij natuurlijk niet en ze hoorden de kraan niet lopen om het flesje te vullen voor de boom, daarna maakte ik mijn koffiezetter schoon voor een tweede rondje koffie.

twitter | facebook

... 26 oktober 2014

... keek langs de gevel omhoog naar de container die juist tegen de onderkant van het raam bonkte, even terugkaatste en bleef steken tegen het hout en direct werd er vanuit het huis puin in de container gegooid, en ook dat bonkte zo op de vroege ochtend. Mijn zoon hoorde het ook, zag het ook. Mijn dochter zag of hoorde niks, die zong een liedje. De container hing aan een kraan die op een vrachtwagen stond en op die vrachtwagen stond een grotere container, daar werd uiteindelijk al het afval in gedumpt. Ik vertelde mijn zoon dat ik ook ooit zo’n klus had gedaan, maar dan niet zo hoog. Er moest een plafond gesloopt worden op de eerste verdieping van een huis en de container stond gewoon voor de deur. Had je zo’n toeter? vroeg mijn zoon. Nee, zei ik, we hadden geen koker, we konden gewoon alles uit het raam gooien. Er zaten schuiframen in die woning en die konden er helemaal uit. Maakte het veel herrie? vroeg mijn zoon. Dat moet je denk ik aan de buren vragen, die daar toen woonden. Die vrouw stond na tien minuten al op de stoep, te klagen. Mijn zoon moest lachen. Hij reed op zijn nieuwe fiets naar school en dacht niet aan werk, aan klusjes of aan later.

twitter | facebook

... 25 oktober 2014

... was eigenlijk al bang dat hij zou komen, het kleine ouwe kereltje in de kroeg op de Zeedijk, en toen ik nog geen half uurtje met vrienden aan de bar zat waar ook een vriend achter stond, en kopjes koffie op de bar kwam hij binnen. Er werd wat geroepen. Hij kreeg bier. Hij kreeg een dikke plak ossenworst. Hij kwam even bij ons staan en probeerde te praten maar deed niks anders dan reageren en schelden. Ik krabde even aan mijn hoofd en hij zei meteen: Heb je vlooien? Assertief noemen ze dat. Amsterdams noemen ze dat. Klopt, maar al heel snel was ik er klaar mee en mijn vriend zei tegen me: Jij trekt dit niet hè? Ik trok het inderdaad heel slecht en pas toen ik al lang en breed weg was en in de Pijp bij mijn fiets stond te wachten tot mijn kinderen uit school kwamen begreep ik wat die man doet. Hij praat veel en met een irritant hoog stemmetje, maar dat doen er meer in Amsterdam, en ook meer mannen in Amsterdam hebben irritante hoge stemmetjes, maar deze man wist al die tijd dat we in de kroeg zaten geen enkel positief woord uit zijn mond te krijgen. Niks. Ik had de anderen net verteld dat een vriendin een laatste operatie goed had doorstaan en het gaat goed, ze voelt zich goed en gaat het redden, ze gaat het zeker redden, en we proostten daarop en toen dat mannetje bij ons stond en niks anders kon zeggen dan tyfus en kanker was ik dat mooie verhaal alweer vergeten en de anderen misschien ook. Hij vrat het moment op. Niemand begreep wat er precies gebeurde, we riepen ook wat, reageerden ook, hoopten dat hij snel weg zou gaan. Maar het moment was al weg. Dat ga ik anders doen, de volgende keer.

twitter | facebook