Waar halen we een bootje vandaan? Ze hebben een bootje nodig, in mijn nieuwe roman. Hoe gaat dat in een dorp? Een beetje om je heen kijken, en durven te vragen:

Dat bootje van Rochat is jaren niet gebruikt en totaal verroest. Het staat op zijn kant tegen een verweerde houten paal en die paal is er beter aan toe dan de boot. Dus dat is niks. Nu hebben er meer mensen aan ons riviertje een boot en precies bij de benzinepomp ligt er eentje in het water en als wij daar staan te kijken komt de vrouw van dat huis de tuin in en ze kent ons wel want Frankie heeft ooit bij haar broer in de Bloemenbuurt iets in de voortuin gedaan, dus die vrouw vraagt hoe het gaat en zo, en ik laat mijn oog op die boot vallen, die van kunststof is en erg stevig, en ik vraag haar of ze die boot weleens gebruiken en ze zegt: Eigenlijk niet.
Van het een komt het ander. Durf te vragen, zeg ik Willem weleens. Ik zeg dat eigenlijk meer tegen mezelf. Ligt niet in mijn aard want liever los ik mijn zaken op zonder andere mensen lastig te vallen, maar nu durf ik te vragen: Zouden we die boot wellicht kunnen lenen?
Ze snapt het wel, en ze zegt in één adem: Ja hoor, natuurlijk, geen probleem, kijk maar wanneer het uitkomt. De volgende dag zit Frankie al met een peddel in het witte kunststof bootje dat erg schommelt. Ik kijk toe vanaf de brug bij de benzinepomp. Het duurt even voor hij de slag te pakken heeft, maar dan roeit hij om en om, steeds aan iedere kant een slag, niet te hard, soepel dat hout door het water laten gaan.
We hijsen de boot met wat trekbanden en de lier op de aanhanger en hebben flink wat bekijks. Een paar oudjes stappen van de fiets en eten hun meegenomen broodjes op en zien hoe die sloep druipend uit het water komt. Dan rijden we naar de Put, over het gras naar de waterkant. Gelukkig hebben we een paar pvc-buizen, die gebruiken we om het gevaarte het water in te laten glijden. Als de boot drijft knoopt Frankie hem vast aan de omhoogstekende wortels van een oude wilg.
We bouwen het langzaam op…

Uit: De onverwachte rijkdom van Altena, verschijnt eind deze maand.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen