Afgelopen januari werd bij uitgeverij Prometheus het debuut van Persis Bekkering, Een heldenleven, gepresenteerd met de stellige uitspraak dat het voor alle andere debutanten van dit jaar wel erg jammer is dat de roman van Persis er is, want dat is nu al het debuut van het jaar, daar kan niemand meer overheen. Nu heeft Persis een mooi debuut geschreven over een violist, er is die avond geen rekening gehouden met Marieke Lucas Rijneveld en haar debuut De avond is ongemak. Dat debuut is beter.
Marieke Lucas (ik gebruik tegenwoordig heel netjes haar beide namen, want ze heet oorspronkelijk alleen Marieke en heeft daar zelf de jongensnaam Lucas aan toegevoegd) Rijnevelds eerste roman is een bijzonder sterk en ritmisch geschreven, beklemmend en fascinerend dierlijk boek over een meisje dat samen met haar gezin worstelt met de dood van haar oudste broer. Een Wolkeriaanse roman, met zijn vertelritme en tempo.
Ook doet het denken aan The Cement Garden van Ian McEwan, waarin de kinderen van een gezin de dood van hun ouders verwerken door vooral elkaar op te zoeken, en op die leeftijd gaan kinderlijke naïviteit, seksuele ontwikkeling en de houding ten opzichte van je omgeving gewoon door, ook als je ouders er niet meer zijn, of zoals in dit debuut de broer.
Het boek is beeldend, smerig, direct, dromerig en ook nog eens herkenbaar voor mensen die uit die streek of iedere andere Nederlandse polder komen. Geloof is dominant, wreed en het biedt ook hoop. Mensen cijferen zichzelf weg. Klei zuigt aan laarzen. Dood is meer aanwezig dan het leven.
Dat meisje verstopt zich in haar jas, als een ridder in een harnas. Ergens staat ‘Mijn jas het harnas’. Dat zou een iets betere titel zijn dan die ongemakkelijke avond, maar daar kan ik niks meer aan doen.
De roman kreeg al veel mooie recensies en veel media-aandacht. Vanavond ga ik met Marieke Lucas in gesprek in Athenaeum Boekhandel op het Spui. Daar gaat dit stukje verder.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen