Deze week verschijnt de bundel Man/vader, over mijn leven als man en vader. Onze kleine jongen komt heel vaak terug in die stukjes, je ziet hem groeien. Deze is alweer van drie of vier maanden terug. Hij praat nu in zinnen van een paar woorden. Het begon bij ‘mama’:

Het is geen opwekt liedje maar dat maakt die jongen niet uit. Ik heb hem op schoot. Ik zet Freddy Mercury op met zijn geweldige stem en hij pingelt eerst een paar tonen op die piano, met zijn linkerhand gaat hij twee keer over zijn rechterhand en het doet pling pling, en dan zegt hij: Mama.
Die jongen kijkt op. Hij zegt ook: Mama.
Mercury zingt over een moord en over een leven dat weggegooid is en dan haalt hij uit: Mama.
Hartverscheurend, ook al is dit het enige woordje dat mijn zoontje herkent en hij heel breed lacht en ik een paar keer terugspoel en hem steeds opnieuw mama mama mama laat horen.
Nothing really matters.
We kijken verder, hij luistert. Nog geen twee jaar en hij tikt op de tafel waar mijn laptop op staat zoals ik de maat ook mee tik, en hij denkt aan zijn mama.
Bij het rare scaramouch en fandango-stuk spoel ik weer terug en beginnen we opnieuw. Hij kijkt zo blij.
Vlak voor die solo zingt hij dat hij soms wenste nooit geboren te zijn, en als je dat zingt voor je moeder dan is er echt wel iets aan de hand, en ik hou die jongen tegen me aan want hij heeft zo’n geluk met zijn mama.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen