Na acht maanden was het eindelijk weer tijd voor een echte live-vertelavond in ons geliefde café Helmers, met het rode bankje. De edities van de Vertellers van Helmers van maart en mei konden vanwege corona niet doorgaan, en dit najaar zijn de maatregelen voor de horeca scherp, de horeca is wel weer open.
Dus: back in business, oftewel: Gilles van der Loo en ik zijn terug in de zaak.
Je kunt voor jezelf allerlei plannen maken en uitdenken, als een plan blijkt te werken en de reeks loopt vergeet je bijna wat de dynamiek van het plan is, in ons geval: de liefde voor verhalen, in een sfeervolle omgeving, met geweldige gasten en een aandachtig publiek. Dat bleek ook in een corona-setting mogelijk.
Het is wel anders, een publiek van maximaal vijfentwintig mensen in plaats van een volgepakte kroeg waar soms zelfs mensen op de grond zaten, waar mensen aan de bar stonden, waar mensen helemaal achterin op de hoge vensterbank zaten alsof Ajax op tv was. Iedereen zat aan tafeltjes, iedereen op onderling redelijke afstand.
De gasten hadden zich goed voorbereid, de kwaliteit van de verhalen was wederom zeer hoog. Saskia Noort las Marijke Schermer, Ivo Victoria las Mariana Enriquez, Sanneke van Hassel las Anatoli Gavrilov, Wytske Versteeg las JM Coetzee en Adriaan van Dis las poëzie van Nijhoff, Szymborska en Gorter en een bijengedicht dat zeer goed paste bij zijn mondkapje en coronamasker dat hem eruit deed zien als een imker.
Meestal maak ik geen verslag van de avond. In dit geval wil ik alleen vertellen dat de opluchting groot was eergisteravond, toen Gilles en ik de gasten weer een microfoon voor konden houden, met een statief eraan, want afstand was het sleutelwoord.
Na afloop dronken we buiten een biertje en bracht de avond verhalen over andere avonden die zo lang geleden lijken, uit een tijd waarin broeierige wilde avonden vanzelfsprekend waren. Daar proostten we op, met het vertrouwen dat die tijd weer terug zal komen.

«

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen