Ik keek naar de boom die achter het hek stond. Ik stond op doel. Mijn zoon schoot ballen op me af en toen wees hij opeens omhoog. Kijk naar die boom. Een bal in de boom. Ik zag een witte bal tegen de stam gedrukt zitten, hij zat vastgeklemd met een heel klein zijtakje. En toen zei hij: Daar nog een. Ik keek hoger en daar lag precies op de plek waar de dikke takken iets uit elkaar de hoogte in schieten een Derbystar. Twee, riep hij. Ik zei dat die Derbystars duur zijn, en heel goed. Wij spelen altijd met die ballen. Mijn zoon wilde niet mee naar binnen. Het was al bijna half negen en zijn zusje zat alleen thuis dus ik zei: We gaan een koek eten, en toen kwam hij wel mee, en thuis keken we nog even naar The A team, de nieuwe versie, en mijn zoon zei: Toen ik zes was of zo wilde jij dat altijd kijken. Ik zei dat hij dat wilde kijken, de herhalingen van de oude reeks uit de jaren tachtig. Maar dat was niet zo. Ik was altijd dol op The A team. Hij kon de film niet afkijken, hij moest de volgende dag om kwart over zeven op om te gaan voetballen. Die sport maakt het weekend extra lang. Hij had de wekker gezet, kwam zelf naar beneden, ging naar zijn wedstrijd en ik ging een half uurtje later met zijn zusje kijken, ze fietste er zelf naartoe op de oude fiets van haar broer. Eerst schaamde ze zich omdat het een jongensfiets is maar later was ze trots, ook toen haar broer en zijn team de wedstrijd wonnen, met 3-1.

Jan van Mersbergen

One Response to “ballen in de boom”

Jan van Mersbergen