We waren allemaal thuis die ochtend, deels weer aan het werk, de kinderen nog vakantie. Op tv was een film waarin een jongen blauw haar heeft. Mijn zoontje zei: ‘Die heeft ook blauw haar, net als die ene op dat bootje.’ Hij bedoelde de windsurfer die op de Olympische Spelen had gewonnen. Ik vind het mooi dat een jongen van vier, bijna vijf, om zich heen kijkt, desnoods naar tv, en dat hij verbanden legt. Dat is een bijzondere kracht.

Op een ander moment waren we in de speeltuin waar we vaak komen. Er waren nieuwe speeltjes: een blauwe tractor met een graafarm ervoor, een kasteel van Fisherprice en een groen balletje. In het kasteel zat zand, daardoor konden de schuifdeurtjes niet meer open. Toen we dat opgelost hadden zei mijn zoontje: ‘In deze gevangenis hebben ze ook een boekenkist.’ Twee weken daarvoor waren we in het Rijksmuseum en had hij daar een boekenkist gezien waarmee, volgens het bordje, Hugo de Groot ontsnapt was uit Slot Loevestein. Hetzelfde idee: een verband leggen. Trouwens, in het slot, waarbij ik opgroeide, staat ook zo’n kist, en volgens mij in Muiden ook. De echte is waarschijnlijk al lang verdwenen.

Als je kunt kijken en nadenken en redeneren, dan ben je halverwege het vermogen om te leren. Het is een specifieke manier van leren. Mijn zoontje legt verbanden, mijn dochter kan vooral zaken uit haar hoofd leren: stof tot zich nemen en onthouden. Als we tv kijken en de Mont Ventoux is erop en er staat een bordje met ‘sommet’ en ik haar vraag haar wat dat betekent, dan kijkt ze niet naar de beelden, naar het bordje dat op de top staat, en dan kan ze niet het verband leggen tussen ‘sommet’ en ‘top’. Als ze een lijst van Honderd Franse woordjes moet leren en er staat sommet tussen, dan weet ze het wel.

Ik zoek die verbanden graag op, met mijn zoontje. Als we bij de sluis zijn kijken we naar het water, hoe hoog het staat, hoe groen het is. Er is altijd wel iets te verzinnen. Over de waterstanden en de algen. Over de man in de brede boot die geen shirt aan had en erg hard André Hazes op had staan. Dan stel ik weken later een vraag aan mijn zoontje, als we toevallig een liedje van André Hazes horen. Weet je nog van die muziek de vorige keer? In dat bootje? Dan herkent hij de muziek misschien niet helemaal, maar zegt hij: ‘Geen t-shirt.’

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen