De Limburger

In een nieuw boek, Carnaval, zoekt de Amsterdamse schrijver Jan van Mersbergen naar de betekenis van carnaval. Dat dat voor hem geen kwestie is van een puntige definitie of een bescheiden lemma met wat linkjes op Wikipedia wordt duidelijk wanneer je zijn zoektocht in handen hebt: vijfhonderd pagina’s. Of eigenlijk is het geen zoektocht, want Jan weet allang wat carnaval is. Hij heeft alleen nogal wat woorden nodig om de essentie te vatten.
Eh, dat mís je dus de essentie, toch? Nee. Ik denk dat Jan gelijk heeft: de essentie zit hem in de omweg. In het gedoe, in alles eromheen. Zoveel eromheen dat waar het eigenlijk omheen zit nauwelijks nog zichtbaar is.
De vastelaovend die u viert – of niet viert – rust op de fundamenten van knipoog en schaele wazel, en zit boordevol invented tradition. Dus ook al klinkt ‘nieuwe traditie’ als een tegenspraak in termen, verandering vormt de essentie. (Die dus eigenlijk de omweg is.)
Nu raak ik zelf de draad kwijt, dus terug naar de essentie. Gisteren was ik bij een droevige bijeenkomst. Zo droevig, dat niemand zin zam hebben gehad in vandaag (11 nov). En toch, dacht ik toen ik eenmaal thuis door het boek van Jan bladerde, kan zo’n dag als vandaag helpen. Ook als je niet tussen dronken gaat staan springen. Ook als je thuisblijft. Ook als je wel iets anders aan je hoofd hebt dan niets aan je hoofd hebben. Dat helpen is: weten dat het kan. Dat het er is. Dat er nog iets anders bestaat dan wat je aan je hoofd hebt, en dat dat anders er altijd zal zijn, wachtend tot jij er behoefte aan hebt.
Of zoals Jan schrijft: vastelaovend is een vergiet zonder gaatjes. Er sijpelt niks weg, er gaat niks verloren. (Frans Pollux)

Roel Versleijen – Vors Joeccius XI van Vastelaovesvereniging Jocus Venlo

Toen ik het boek ontving, dacht ik: ik zal er de komende dagen eens een aantal stukken uit lezen. Maar vanaf de eerste regels en de pakkende inleiding heeft het mij gevangen. Ik ben er aan begonnen en heb het in één ruk uitgelezen.

Frans Pollux

Een monument voor het feest!

Kluun

Er is maar één professor in de Carnavalkunde en dat is Prof. Dr. Ir. Prins Jan van Mersbergen d’n Irste.

Björn van der Doelen

Een schitterend ontroerend boek!

Lezersreacties

Abush Derks

Afgaand op alle verhalen moet ik @janmersbergen toch minstens tig keer tegen het lijf gelopen zijn met Vastelaovend. Wat een héérlijk eerbetoon is dit!

Tim Geelen

Heerlijk boek om te lezen 🔥

Diana Roukema

Dankjewel dat je een stukje verhaal van me hebt opgenomen in je boek. Ik ben er verlegen van!

Astrid van Dam

Wat een mooi boek, ik heb het met veel plezier gelezen. Intens grappig ook. Je kunt wel merken dat het met heel veel bezieling geschreven is. Mooi! Ik had vóór het lezen een behoorlijk sceptische houding, van het zal wel, jullie gaan je goddelijke gang maar zolang ik maar niet aan die gekkigheid mee hoef te doen. Best negatief dus, zeg ik nu met schaamrood op de kaken. Na het lezen heb ik er alle begrip voor, snap ik de bezieling, je hebt me als lezer echt aan de hand meegenomen. Dus kom maar op met die nationale feestdag, alle scholen dicht.

Jan van Mersbergen