Het bezoeken van een ver en onbekend land is vooral om je heen kijken. Door de stad wandelen, naar de gevels kijken, een park door, een uitzichtpunt, het imponerende interieur van een kerk, de kroegen. Alles is er om bekeken te worden. De momenten van heerlijke rust om te kijken waren vanaf de achterbank vanLees meer »

Het vliegtuig zat helemaal vol. De bagagevakken waren allemaal vol. Ik propte mijn tas onder de stoel. Tijdens het wachten bij de gate laadde ik mijn telefoon op. Het was ruim twee uur vliegen, ik wilde wat schrijven in de notities op mijn telefoon. We gingen het vliegtuig in. Voor ons liep een groot gezinLees meer »

Net onder het viaduct van de metro voelde ik mijn achterband op het fietspad hobbelen. Dat kon maar één ding betekenen: de band liep leeg. Ik stopte. Het was nog een kilometer of vier langs de kade naar huis. Het was donker, het regende. Ik ging lopen. Ik trok mijn regenpak uit, het was warm.Lees meer »

In de nieuwste roman van Ivo Victoria gebruikt de schrijver zijn eigen naam, zijn echte naam. Weliswaar tussen dubbele aanhalingstekens, terwijl hij in dialogen niet eens enkele aanhalingstekens gebruikt – iets wat ik heel prettig vind. Opeens staat er: “Hans”. Nu is er over de roman Alles is OKÉ op de site van De RevisorLees meer »

In mijn kledingkast lagen veel kleren die ik amper meer draag. Dus ging ik het uitzoeken. Ik maakte nieuwe stapels. Drie spijkerbroeken gooide ik in een tas voor de kledingbak. Ik kocht twee nieuwe, donkere spijkerbroeken. Ik sorteerde overhemden. Een stapeltje nette overhemden die ik heel soms aan heb bij sjieke gelegenheden en dagelijkse overhemdenLees meer »

Mijn opa kreeg een nieuwe tv. Het was de eerste tv in de familie met een afstandsbediening. Een enorm bakbeest van een ding. In kleur. De man van de elektrozaak kwam hem brengen, haalde hem uit de doos, zette hem op het kastje waar de oude tv ook op had bestaan precies recht tegenover opa’sLees meer »

We keken naar Nijntje. Een lief klein konijntje. Ik zei: Is het wel een konijntje? Mijn zoontje van net drie zei: Ja hij heeft oren. Maar hij heeft kleren aan als een mens. Zijn het geen mensen? Nee, zei mijn zoontje. Vreemd dan toch, zei ik, dat het hondje geen kleren aan heeft. Het hondjeLees meer »

Volgende pagina »
Jan van Mersbergen