De glazenwasser heeft een erg lange stok met daaraan een nog veel langere slang die geel of oranje door de straat kronkelt, naar zijn auto, waar blijkbaar al dat water in zit. Iedere twee maanden komt hij alle ramen schoonmaken, van bijna de hele buurt. Ze stoppen een briefje in de bus: ‘Uw ramen zijn gewassen.’ De volgende dag komt er dan iemand langs om het geld op te halen. Die slangen en die lange stok zijn modern, het ophalen van het geld gaat nog ouderwets contant.

In Zuid kwam de glazenwasser met een ladder door de straten. Het was een oude man. Je kon hem aanspreken op straat en vragen of hij jouw ramen ook wilde doen. Dan kwam hij de volgende keer alleen de drie ramen aan de voorkant van de etagewoning wassen, voor een tientje. Aan de achterkant kon hij niet komen.

Een groter huis betekent meer ramen. De glazenwasser doet alle zeven ramen beneden alle negen de ramen op de eerste en de zeven ramen op de bovenste verdieping, en de voordeur neemt hij ook nog even mee. De drie ramen voor een tientje zijn vervangen door bijna 25 ramen voor drie tientjes.

De glazenwasser vindt het prettig als ik de poort naar de achtertuin openzet, anders moet hij aan de zijkant van het blok bij de sloot op de serre van de buren klimmen en over het grind op het platte dak naar de achterkant van het huis lopen, de ramen op één en tweehoog doen, en dan weer afdalen naar de achtertuin om de zes ramen beneden te doen.

Ik volg de stok en de slang, ik zie ze bewegen bij de achterburen. Het water druipt op de straat. Aan de ramen van de buren zie ik dat ze hun best doen ze schoon te boenen. Straks komen ze hier. Dan zet ik de poort open. Dan wordt de slang de tuin in getrokken. Dan is het een tuinslang.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen