We keken een oude film: Papillon, uit 1973. Ik hou erg van films kijken, vooral als het rustige films zijn, met een eenvoudig verhaal, en traag geknipt.
Het boek van Henri Charrière staat in de kast. Van dat boek heb ik geleerd hoe je een verteller terug kunt laten kijken op een hele reeks gebeurtenissen, door gewoon in de verleden tijd te beginnen en na een paar zinnen verder te gaan in de tegenwoordige tijd.

‘De oorvijg kwam zo hard aan dat ik er pas dertien jaar later van terug had. Het was inderdaad geen gewone dreun en om hem uit te delen hadden ze zich werkelijk uitgesloofd.
Het is 26 november 1931. Vanmorgen om acht uur werd ik uit mijn cel in het Huis van Bewaring gehaald, waar ik sinds een jaar ben opgesloten. Ik ben pas geschoren en goed gekleed…
Ik ben vijfentwintig jaar maar zie eruit als twintig. De gendarmes zijn een beetje onder de indruk van mijn uiterlijk…’

Dat kan dus allemaal heel soepel door elkaar, waarna de verteller, veroordeelde Henri Charrière zelf, in de tegenwoordige tijd de lezer naar de gevangenkampen trekt waar hij erg lang vast zat en waaruit hij na een poging of negen ontsnapte.
Geweldig boek, de film is ook bijzonder. Hoofdrolspelers Steve McQueen en Dustin Hofman waren op hun top en geven het verhaal glans. De hoop dat ze steeds gaan ontsnappen, de tegenvallers en de misstappen maken het drama. Ondanks dat het boeven zijn ligt je sympathie bij hen en zeker niet bij de meedogenloze Franse gevangenbewaarders. En de film is traag geknipt.
Honderden gevangenen die door een Frans stadje lopen, een boot die door het beeld schuift, de twee hoofdpersonen die naast elkaar in het kamp zitten, zelfs als de ontsnappingen plaatsvinden en ze gaan rennen dan is het verteltempo van de beelden laag.
Bijna iedere scène heeft een rustige draaiende camerabeweging, kalm iemand in beeld, even een handeling. Dat duurt steeds, en ik heb meegeteld, een seconde of vijf. Dat missen films tegenwoordig. Een beeld is een halve seconde, dan volgt alweer een ander beeld. Ook in scènes zonder actie.
Deze film was spannend, maar kabbelde heerlijk voort door het tempo waarin de beelden achter elkaar gezet zijn.
Moderne films, bijna vijftig jaar later, met een overdadig gebruik van knippen en plakken, zorgen voor een tempo waar romans niet aan kunnen tippen. Woorden die gelezen moeten worden hebben een lage maximale snelheid. Schrijvers kunnen zich wel met het tempo van Papillon meten.

«

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen