Boven de oceaan verschenen donkere wolken. De kroeg was al open, ik ging schuilen. Het was een kleine pub in Baltimore. Ik kwam van Cork en Kinsale en was met de bus naar Skibbereen gegaan over een slingerweggetje, en nu lag de open watervlakte voor me en ook in de lucht hing water en het zou niet lang duren voor dat ging mengen.
De pub heette The Waterfront en zat ingeklemd tussen twee andere kroegen: Bushe en Jacob’s Bar. Ze hadden er Iers eten: stoofvlees en aardappelen. Dat eten smaakte overal hetzelfde, alsof er maar één recept en één smaak is in Ierland. De variatie zat hem in het bier. In deze hoek dronken ze Murphy’s en Kilkenny. Guinness komt uit Dublin, dat drinken ze hier niet. Alleen toeristen drinken dat zwarte vocht.
Aan een tafeltje bij het raam keek ik naar de regen die zoals steeds ongeveer drie kwartier zou duren, dan kwam de zon weer door.
Die middag begon de voetbalwedstrijd tussen Ierland en Duitsland. Het was de finale van het EK onder 19. Nog nooit had Ierland met voetbal een finale bereikt, en nu stonden ze in de finale. Hun sterspelers destijds was Robbie Keane. Het toernooi werd gespeeld op Cyprus. De verwachting was dat de Ierse jongen slecht tegen de zon zouden kunnen, ook al hadden ze twee van de drie voorgaande wedstrijden al gewonnen. Duitsers konden overal beter tegen, ook tegen de zon.
Het halve dorp zat te schuilen voor de regen en hun jongens met sproetjes en sommigen met rood haar moesten over een voetbalveld rennen tegen Duitsers. Niemand geloofde in de winst. Er werd gedronken, de Ieren scholen voor de regen, ze verscholen zich achter grote glazen bier en ze verscholen zich in gedachten dat het nooit zou lukken. De bui zou wel overwaaien, maar wat betreft dat voetbal had niemand hoop.
Ik bestelde nog wat te drinken en keek naar de wedstrijd. Die was heel erg slecht. Het werd 1-1. Verlenging. Niemand in de pub geloofde dat de Ierse jongens ook nog de verlenging vol zouden houden. Duitsers houden altijd verlengingen heel goed vol, ook jongens onder de 19. Het werd heel stil in de kroeg. De verlenging was bijna voorbij. Het was nog steeds 1-1. De scheidsrechter floot af, de beslissing moest vallen na penalty’s.
Niemand geloofde dat een Ierse jongen van nog geen twintig op zo’n belangrijk moment tegen een grootmacht in het voetbal op Cyprus in de brandende zon rustig kon blijven en van elf meter raak kon schieten. Dat bestond niet. Ieren zien een bui aankomen, en gaan schuilen. Tot de bui weer over is.
Er werd heel veel drinken besteld zodat niemand dorst zou hebben tijdens de penaltyreeks. Het regende nog steeds, maar minder hard.
De Ieren wonnen.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen