Ik heb de paardrijcap van mijn dochter verkocht. Hij lag tussen mijn Carnavalsspullen, maar hij is me te klein en mijn dochter wil nooit meer paardrijden. Tijdens de Olympische Spelen was er paardrijden op tv, en ik zei: Dat moet je ook weer gaan doen.

Nooit meer, zei ze stellig. En ze vertelde dat ze op de manage waar ze les had altijd op een paard moest rijden dat Stella heette en dat heel sloom was. Als het paard dan heel traag door de bak sjokte dan roepen ze tegen mijn dochter: Loop door. Maar het paard was dus heel sloom.

En een volgende keer, zo vertelde ze, sloeg een ander paard op hol en viel ze er zo’n beetje half vanaf en dat paard rende maar door en ze hing aan de nek van dat paard, dat steeds sneller ging, en mijn dochter was heel bang en ze schreeuwde, en de andere mensen die erbij waren zeiden: Waarom gil je zo? Je maakt dat paard helemaal bang!

Zo is het met paardrijden, alles is gericht op de paarden. Niet op de meisjes die paardrijden. Tenminste, dat was de ervaring van mijn dochter. Ik vond die manege vooral vreselijk vies. In de kantine zat de modder vanaf de vloer een meter hoog tegen de onderkant van de bar, alsof daar altijd mensen met modderlaarzen zaten die ze niet wilden vegen. Ook andere muren hadden lambriseringen van modder. Buiten stonden stapels kratjes, met frisdrank en zo, en ook die zaten helemaal onder de modder omdat ze lang buiten stonden op een vies zanderig strookje bestrating waar als het regent de modder dan omhoog spetters, op die kratjes.

Er was gewoon niks schoongemaakt daar, alles zag eruit alsof deze mensen het maar opgegeven hadden te vegen of te dweilen. Mijn dochter kan er inmiddels wel om lachen. Ze heeft een andere sport gevonden die haar wel goed bevalt. Daar is alles schoon en trainen ze hard en staat ook een paard, maar dan eentje om zelf overheen te springen.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen