Vorig jaar december schreef ik over de bestseller die direct van Paula Hawkins een thrillerfenomeen maakte: Het meisje in de trein. Nu is de derde thriller van Hawkins verschenen, en toen ik laatst bij Broese in Utrecht een boek uit mocht kiezen, als bedankje voor mijn boekhandelsbezoek, wist ik direct dat ik Een langzaam smeulend vuur (vertaald door Miebeth van Horn) mee zou nemen, de trein in. Het boek stelt niet teleur.

Net als in haar debuut voert Hawkins een aantal vrouwen op om een moord op een jongen op een boot in het Regent’s Canal in Londen, een kaartje voorin de thriller verduidelijkt de plaatsen waar het boek speelt. De verwarde Laura is de laatste die op de boot gezien is, na een one-night-stand met de jongen. Zij is labiel, hoort steeds de stem van haar stiefmoeder en wil alles in de fik steken. De buurvrouw Miriam zag haar daar, zij houdt alles in de omgeving in de gaten, en bovendien ‘werd haar eens kans geboden om het onrecht te wreken dat haar was aangedaan.’ Altijd spannend, zulk onrecht, maar de lezer weet ook meteen: daar zit meer achter, dit moet ons op het verkeerde been zetten. Verder is er de tante van het slachtoffer, Carla, die ook op het punt staat gek te worden, want zij heeft net al iemand begraven.

Voldoende stress bij deze drie vrouwen, en gelukkig vertelt Hawkins middels een vlotte derde persoon over deze personages, met een scherpe blik en oog voor details die in een halve pagina een goed beeld van de personages geven. Voeg daar de moord aan toe, en de thriller leest zoals een spannend boek moet lezen: uiteindelijk is de leeservaring ontspanning.

Voor het eerst heb ik bedenkingen bij een vertaling, en dat komt door twee woordjes op pagina 13 al: ‘Foute keuzen.’ Een vertaler die kiest voor ‘keuzen’ in plaats van voor ‘keuzes’ heeft weinig gevoel voor ritme, klank en vertelling. Soms lopen de zinnen niet zo lekker en ligt dat waarschijnlijk niet aan de vertaalster: ‘U woont hier nog niet zo lang? vroeg hij, nadat hij een, naar Carla aannam, in zijn ogen respectvolle stilte had laten vallen.’ Het inkijkexemplaar op de site van de Engelse uitgever stopt bij hoofdstuk 2, en deze zin volgt daarna, dus voorlopig kan ik het niet checken wat de vertaalster heeft gedaan. In ieder geval is het de schrijfster die zo veel in één zin probeert te proppen: wat een man zegt, wat Carla aanneemt en wat er in zijn ogen voor stilte valt. Dat kan allemaal tegelijk gebeuren, zo een verhaal vertellen is erg omslachtig.

Ik weet, het is zeuren over een zinnetje, lees ik eroverheen dan biedt Hawkins een dwingend verhaal met erg sterke personages en een goed tempo. Laura is totaal gestoord, en dat laat Hawkins vooral zien, hoe haar gedachten heen en weer springen, hoe haar reflexen in gesprekken zijn, hoe ze kijkt en handelt. De andere personages hebben ook voldoende specifieke eigenschappen om die eigenheid te verzorgen. Zelfs de politiemensen worden in een paar alinea’s herkenbare personages, met een soort warme voorspelbaarheid. Dat is wat een thriller nodig heeft: gekte, beschreven op een manier die voorspelbaarheid waarborgt en tegelijk ruimte laat voor verrassingen.

Dat laatste verstopt Hawkins in talloze wendingen, want uiteindelijk zijn alle personages anders dan het verhaal eerst doet vermoeden. Dat wordt op een gegeven moment iets vermoeiend, want bij iedere deeltje aan informatie dat opgevoerd wordt denk je: je vertelt me dit nu, maar het zit natuurlijk anders. En aan vrijwel alle personages zit een steekje los, zacht uitgedrukt. Of zoals Laura het zegt: ‘Niet helemaal jofel was bijna een compliment vergeleken met alle andere dingen die ze in de loop van de jaren had moeten aanhoren.’ En Irene is niet dement ‘want ze raakte niet (vaak) de draad van een gesprek kwijt en ze legde de afstandsbediening niet in de koelkast.’ Vooral het vaak, tussen haakjes, geeft de vlotte en relativerende toon van Hawkins aan. Deze gekkies brengen leuk proza.

De tante, zoals ik net vertelde, heeft net iemand verloren: de moeder van de Daniel – het eerste slachtoffer. Er zijn twee dodelijke slachtoffers, (in feite zijn er veel meer slachtoffers, er is ook nog een hond verdwenen, de zoon van Carla is jong gestorven, de moeder van Carla en Angela is aan kanker overleden, daarna hun vader, op een gegeven moment gaat in dit boek iedereen dood…), en of er twee moorden zijn en wie de daders zijn, dat gaan we uitzoeken. Dat is de belofte van dit goed gecomponeerde boek. Hawkins speelt met het aannemelijke van haar verhaal. Twee doden vlak na elkaar. ‘Dat zou ik fictie nooit door de beugel kunnen.’

Een langzaam smeulend vuur is door de slimme opzet, treffende toon en goed verpakte wendingen erg onderhoudend. Precies het boek dat de thrillerlezer een ervaring van spanning geeft, maar vooral ontspannend is. Rustig lezen en toch steeds haastig aan een hoofdstukje beginnen, omdat je verder wilt. Nadenken over de verbanden en toch weer niet diep genoeg graven om de thematiek en de persoonlijkheidsstoornis echt wrang en invoelbaar te maken – daar zijn romans voor.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen