Kees blijft achter in de hal van het station, eigenlijk meer een brede tunnel. Hij loopt de andere kant op, het station uit, maar als hij buiten komt ziet hij alleen kantoorgebouwen en een leeg plein daarvoor. Hij loopt weer terug. Bij de boekwinkel bekijkt hij de kranten. Er komt warme lucht uit een rooster boven de ingang. Daarachter is een tafel met boeken. Hij bekijkt de omslagen en leest de titels. Het is lekker warm in de winkel maar toch voelt hij die warmte niet. Bij de tijdschriften pakt hij een automagazine. Hij bladert het door. Het duurt niet lang eer de man van de boekwinkel bij hem komt staan en zegt: Thuis lezen vriend.
Kees legt het tijdschrift terug en gaat de boekwinkel uit. Er lopen minder mensen door de tunnel dan in Utrecht. Bij de Burger King zitten vier jonge jongens aan de tafel die middenin de zaak staat. Schooltassen op de vloer. Ze drinken cola. Kees blijft even in de ingang staan maar honger heeft hij niet en dorst ook niet. Hij heeft wel een droge keel, maar niet van de dorst. Hij heeft een paar euro in zijn portemonnee maar die wil hij liever niet uitgeven. Hij heeft al koffie gekocht. Hij rekende erop dat die ander hem iets zou geven. Die blinde.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen