Een van de lastigste onderdelen van schrijven: vertrouwen dat het wel goed komt.
Op zich is een verhaal vertellen niet zo heel moeilijk, als je maar een goeie vaste vertelstem hebt en een route die de lezer gaat afleggen, en scènes die elkaar logisch opvolgen, bijvoorbeeld. Maar als je dat allemaal hebt staan en het klopt nog niet, wat dan?
De thriller waar ik momenteel aan werk heeft een helder beginpunt, echter ergens in het vervolg zijn de motieven van de hoofdpersoon niet in orde. Hij gaat iets doen, maar het is onduidelijk waarom hij dat gaat doen. Hoe moet dat beter?
Ik heb het perspectief veranderd, van een derde persoon naar een ik die bovendien een andere achtergrond heeft. Hij heeft uitgesproken eigenschappen nu, die in iedere handeling terug kunnen komen. Dat maakt zijn optreden voorspelbaar. Dat geeft al wat houvast die ik eerst nog niet had. Ook heb ik iets in de volgorde van het verhaal veranderd. Logischer.
Dus ergens gaat het wel de goeie kant op maar hoe weet ik nu of al dat werk daadwerkelijk iets oplevert en ik niet weken zit te prutsen aan iets wat maar niet beter wil worden. Misschien is het nu wel veel slechter geworden?
Dat vertrouwen. Iets maken, iets beter maken. En niet: iets beroerds maken en het nog beroerder maken.
Ik pak er een thriller bij die ik erg sterk vind. Met een ik-verteller die in de war is, en onbetrouwbaar. Ik lees een paar bladzijden. Dan open ik mijn word-document. Ik lees een paar bladzijden.
Ja, dit kan wel.
Het spiegelen van mijn eigen tekst aan andere teksten is gevaarlijk, zeker als die andere tekst goed is. Ga ik niet te veel die tekst en die toon en sfeer kopiëren? Waarin schuilt mijn eigenheid? En toch heb ik andere boeken nodig.
Ook boeken waar ik me zeker niet aan wil spiegelen, die sla ik soms ook open, maar die geven niet de richting die ik nodig heb om verder te sleutelen aan mijn verhaal. Die vertellen me alleen maar: dit zeker niet.
Maar wat dan wel?
Mijn boekenkast, met de verzameling boeken die ik echt goed vind, is mijn spiegel. Daar blaas ik soms wat stof af. Daar probeer ik soms wat vertrouwen uit te halen.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen