Ik wil daar kijken, zegt mijn jongste zoon vaak als we ergens fietsen en hij iets ziet. Eerst ziet hij iets, dan wil hij gaan kijken. Die volgorde is prachtig.
Hij ziet vooral vuilnisauto’s, vrachtauto’s, kranen, graafmachines en hoogwerkers. Tractors ziet hij ook altijd. Mensen met kinderwagens, een vrouw op een fiets, een scooter, een ligfiets, dat doet hem helemaal niets. Dat ziet hij niet.
Deze keer zag hij een tractor staan met een houtversnipperaar erachter. Daar wil ik kijken, en hij wees erbij. De hoveniers waren bomen aan het onderhouden, voor de gemeente. Dat betekent: dooie takken weghalen en die takken in de versnipperaar duwen. Dat ding maakte erg veel lawaai. Mijn zoontje hield zijn wantjes tegen zijn oren.
Toen de hovenier de takken allemaal versnipperd had zei mijn zoon dat hij ook nog even naar de tractor wilde kijken, dus ik fietste nog een stukje verder. De hovenier stond naast de tractor met zijn helm in zijn hand. Ik praatte even met hem. Hij vertelde dat zulke bomen – ook hij wees – zo door de versnipperaar konden, als de messen scherp zijn.
Geweldig, zo’n machine. De hovenier stopte er een paar takken in, best aardig dikke takken, maar dat was nog niks. Een complete boom verslindt zo’n machine in een paar seconden.
Bij alles wat ik op social media hoor of in de krant lees denk ik voortaan aan zo’n houtversnipperaar, die in een keer een einde kan maken aan een boom van tien meter hoog maar dus ook aan allerlei ander ongewenst gedoe.
Gewoon dat apparaat aanzetten, en rammelen maar.
Waarom hebben hoveniers niet de macht in ons land?
Die vragen kwamen pas later bij me op, toen we thuis onze handen warmden en pepernoten aten. Het zijn eigenlijk geen vragen. Het zijn eerder antwoorden op belangrijke maatschappelijke kwesties. Het zijn oplossingen.
Mijn jongste zoon ziet niet alleen vuilnisauto’s, vrachtauto’s, kranen, graafmachines en hoogwerkers, en houtversnipperaar, en tractors. Hij ziet oplossingen.
Mensen met kinderwagens, een vrouw op een fiets, een scooter en een ligfiets brengen geen oplossingen.
Ik weet dat nu.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen