Toen we weer terug waren van het vaderdaguitje lagen er op mijn werktafeltje twee gedroogde worsten. Mijn oudste zoon was niet mee geweest – veel te vroeg vertrekken, veel te lang in de auto zitten – maar hij had dus wel wat voor me gehaald. Op een papier had hij geschreven: Voor vader dag.
Dat was heel lief. Zelfs die extra spatie vond ik lief.
We waren op manege. Een rustige plek, voor ons dan. Het beheren van een manege is geen rustige aangelegenheid. Daar is een flinke club mensen dag en nacht mee bezig. Dat vraagt veel.
Rust was er wel voor ons. Geen moment dacht ik aan werk, aan iets maken, aan de drukte van school, eten koken, sporten, aan opinie, aan gesprekken op tv. We zaten aan een meertje, vlakbij, mijn zoontje huppelde rond, zijn broek werd nat. Dat was het. Vrijheid. Al het andere bestond niet, en niemand miste het.
Er liep een veulen. Op een filmpje zagen we hoe het veulen geboren werd. Nu stond het veulen hoog op haar poten.
Als je een dier geboren ziet worden weet je weer welke krachten er in de natuur spelen, welke zorgen nieuw leven met zich meebrengen. Als je vervolgens dat dier bij de moeder ziet staan in een wei, met een lang leven voor de boeg van eten, bewegen, rennen, springen, en vooral met een vrij gevoel, dan weet je weer hoeveel tijd in feite ieder levend wezen heeft – jij zelf ook.
Die combinatie van zorgen en vrijheid bepalen voor een groot deel het leven, maar alleen de combinatie maakt het te doen. De afwisseling.

Jan van Mersbergen

Jan van Mersbergen